Mijn povere drie kwartetjes

Gisteren was Tchaikovsky ‘jarig’ en zou 179 jaar geworden zijn.

In ‘De dood van Pyotr Ilyich’ denkt hij op zijn 43ste verjaardag:

“Jarig! Drieënveertig jaar oud, en nog zo weinig gepresteerd. Wat symfonieën, een paar opera’s zonder veel succes, kamermuziek, liederen – ach, bij elkaar opgeteld leek het heel wat en de mensen klopten mij dan ook in groten getale op de schouders tot die er beurs van werden. Maar mijn eerste meesterwerk moest nog komen. Mozart was al dood voor zijn veertigste en had toen vijfentwintig strijkkwartetten geschreven. Vijfentwintig! Waar bleef ik met mijn povere drie kwartetjes? Wolfgang Amadeus componeerde vijf vioolconcerten binnen twee jaar, ik was er al blij met één, dat bovendien onspeelbaar werd geacht en pas na vier jaar zijn première beleefde.”

Advertenties

“Meesterwerk”

“Vanmorgen las ik de laatste, zo dramatische bladzijden van ‘De dood van Pyotr Ilyich’. Wat een meesterwerk!”
Is het toeval dat ik alleen maar enthousiaste reacties krijg op mijn Tchaikovsky-roman? Natuurlijk, als je het boek niet uitleest, of er niets aan vindt, zal je niet zo gauw reageren. Maar de reacties díe ik krijg, zijn wel opvallend eenduidig.
“Het verhaal van Tchaikovsky ging me steeds meer boeien naarmate ik vorderde in dit dikke boek, dat ik in 21 dagen uitlas. Zo’n 30 bladzijden per dag, dat zegt veel, lijkt mij. Dank dus voor dit grootse werk, waardoor ik nu ook bewuster naar Tchaikovsky’s muziek kan luisteren.”

Dagboek van Tchaikovsky (1887)

Moeder de vrouw 2

In 1877 verblijven Tchaikovsky en zijn broer Anatoly in een hotel in Venetië. Ook daar is moeder de vrouw.

De avond valt over Venetië in de mist

‘Morgen gaan we naar Wenen’ zei Anatoly. ‘Van daaruit reis ik naar Rus­land.’

‘Ik weet het’, zei ik. ‘Ik zie ertegenop om afscheid van je te nemen. Het is zo vertrouwd met jou; ik weet niet of ik al zonder je kan.’

‘Ik denk dat je het kunt. Wees moedig, Petya!’

Ik glimlachte verbaasd. ‘Dat zei moeder ook toen ze mij naar Peters­burg bracht en afscheid van mij nam. Ik was tien jaar en ging naar de Rechtsschool. Ze stapte in een rijtuig en reed weg uit mijn leven. Ik ben gestorven van verdriet.’

‘Modest zegt dat je je vastklampte aan moeder, dat ze je los moesten trekken en dat je toen nog achter de koets aan bleef rennen.’

‘Zegt hij dat?’ Ik schudde mijn hoofd. ‘Nee Tolya, zo’n kind was ik niet. Ik heb niets gezegd, niets gedaan. Wat Modest vertelt, gebeurde in mijn hoofd. Ik had moeder vast willen pakken om haar nooit meer los te laten, ik wilde zo sterk zijn dat ik de koets kon optillen, zodat zij niet weg kon rijden. Maar niemand heeft wat gemerkt, ik heb geen traan gelaten. Ik voelde een diep verdriet, alsof ze dood ging. Vier jaar later stierf ze. Toen pas wist ik wat dood zijn echt betekent.’

We keken elkaar aan, zoons van dezelfde moeder. Hoe zou ons leven er nu uitzien als zij nog had geleefd? Zou Anatoly dan nog zo onzeker zijn over zichzelf? Zou ik mij dan nog zo blindelings in een schijnhuwelijk hebben gestort?

‘Ik heb het gevoel dat ze hier is’, zei Anatoly schor. Het werd heel stil in de kamer. We stonden roerloos naast elkaar. Tolya pakte zijn zakdoek en depte zijn ogen. Ik sloeg mijn armen om hem heen. Hij begon te snikken, steeds heftiger, zijn schouders schokten van verdriet om de moeder die uit zijn leven verdween toen hij een kleuter was. De maan keek naar binnen en drapeerde haar licht over onze schouders.

Moeder de vrouw

Dit Boekenweek-thema heeft in feministische hoek veel ophef veroorzaakt. En natuurlijk is een vrouw meer dan alleen moeder (en daarmee wil ik echt de vrouwen niet discrimineren die geen moeder zijn). Maar hebben we niet allemaal een moeder?

Moeder-Tchaikovskaya_aleksandra

Tchaikovsky’s moeder

Een thema pakt altijd een stukje van de werkelijkheid, en moederschap is zo’n onmisbaar stukje werkelijkheid.

Tchaikovsky’s moeder stierf toen hij 14 jaar was aan cholera, en hij heeft haar zijn hele leven gemist. Op diverse plaatsen in mijn roman denkt hij aan haar (als ik ‘moeder’ als zoekwoord opgeef, zijn er 127 vindplaatsen!):

  • Dood
    Toen ik veertien jaar was, stierf mijn moeder. De cholera kreeg haar te pakken. Van het ene op het andere moment was ze dood, ze had niet eens de tijd om afscheid van ons te nemen.
    Ik heb eens een jager een haas zien schieten. Het dier was zich van geen dreiging bewust, met grote sprongen vierde hij het leven. Als een god besliste de jager over dood en leven, midden in een grote sprong werd de haas geraakt, rolde krachteloos over de grond en bleef stil liggen. Zou er een god zijn die mijn moeder heeft neergeschoten? En wanneer ben ik dan aan de beurt?
    (blz. 14)
  • De tweeling
    Ik dacht aan Anatoly en Modest. Vier jaar oud was de tweeling nog maar toen onze moeder cholera kreeg en stierf. Ik was veertien en kon haar niet missen. Zij waren veel te klein om het zonder moeder te moeten doen. Ik voelde mij een broer en een vader tegelijk en probeerde zo veel mogelijk bij ze te zijn.
    (blz. 17)
  • De paarden van de hoop
    Ik voelde mijn vakmanschap groeien. Enthousiasme en inzet waren genoeg voor het schrijven van muziek, had ik altijd gedacht. Balakirev had mij pijnlijk duidelijk gemaakt dat het tijd kostte om muzikaal vol­wassen te worden. Ik had het kunnen weten, dankzij het spreekwoord dat mijn moeder mij had geleerd: ‘De paarden van de hoop galopperen, maar de ezels van de ervaring lopen langzaam’.
    (blz. 92)

De deur in een goed verhaal

oude-houten-deur-geschilderd“Schrijven is het onverwachte, zegt de Amerikaanse schrijver Paul Auster in interviews. In verhalen moet telkens iets gebeuren wat je niet verwacht. Niet alleen in ieder hoofdstuk en in iedere scène, maar liefst ook in iedere alinea en iedere zin. Anders vertel je geen verhaal maar gebeurt het leven.

Daarom wordt er in goede verhalen, als de schrijver eenmaal de moeite heeft genomen zijn personage het tuinpad op te laten lopen, het huis in ogenschouw te laten nemen en uitgebreid te laten aanbellen, ook nooit opengedaan.

Gebeurt nooit, let er maar eens op, het is de standaard in goede verhalen. Als er al wordt opengedaan, is het door iemand anders dan gedacht.”

Dit schrijft Peter Middendorp in het Boekenweekkatern van de Volkskrant (23 maart). Heb ik een goed verhaal geschreven, waarin dus tevergeefs wordt aangebeld, of opengedaan door iemand anders dan gedacht? In ‘De dood van Pyotr Ilyich’ gebeurt dit:

“Vladimir Shilovsky was veertien toen hij privéles van me kreeg, een mooie, slanke jongen met een open gezicht en golvend haar, kwetsbaar en gevoe­lig. Hij hield veel van muziek, maar het ontbrak hem aan doorzettings­vermogen en hij was vaak ziek. We verloren elkaar uit het oog toen hij trouwde, een voorbeeld dat ik dacht te moeten volgen, met de bekende noodlottige gevolgen.

Zijn huis werd een befaamde verzamelplaats voor musici en kunste­naars en heel kunstzinnig Moskou was welkom bij Shilovsky’s lunches. Maar nu ik de marmeren trappen besteeg op weg naar de met pilaren omgeven voordeur, zag het huis er ontvolkt en leeg uit. Bijna had ik rechtsomkeert gemaakt, zo lang duurde het voordat de deur werd ge­opend door een oude vrouw met een schort voor en spelden op haar mouw. Ze keek me achterdochtig aan.

‘Vladimir Stepanovich?’ zei ik aarzelend.

Ze maakte een gebaar alsof ze een vlieg verjoeg. ‘De achterdeur’, zei ze en deed een stap naar achteren.

‘Waar is Volodya dan?’ vroeg ik nog, maar de deur viel in het slot.

(…)

De achterdeur stond op een kier. Ik betrad een portaal en keek door een half geopende deur de keuken in. Er was niemand. Besluiteloos keek ik rond. In de hoek draaide een wenteltrap naar beneden. ”

De dood van Pyotr Ilyich, blz. 584

Over recensies

Eén zwaluw maakt nog geen zomer, maar één slechte recensie kan de toon zetten. Op YouTube schreef iemand gisteren:

‘”De dood van Pyotr Ilyich” heeft hier en daar slechte recensies. Maar ik begrijp niet waarom. De schrijfstijl bevalt me prima, ik ben op blz. 80, moet vaak lachen, af en toe een traan. Ik zal dit boek op mijn reis in Thailand uitlezen.’

Bij mijn weten is er maar één slechte recensie van ‘De dood van Pyotr Ilyich’ verschenen, geschreven door NBD Biblion, die recensies schrijft op grond waarvan bibliotheken besluiten om een boek al of niet in hun collectie op te nemen. Ik verdenk deze recensent ervan dat hij alleen de laatste paar bladzijden van het boek heeft gelezen en verder wat rondgegoogeld heeft over Tchaikovsky (hij noemt zaken die helemaal niet in het boek voorkomen). Op mijn suggestie aan NBD Biblion om de recensie van Olga de Kort op te nemen (https://bit.ly/2VolSab), ging men niet in.

Bas Verheijden, de pianist die onlangs de Achttien Stukken van Tchaikovsky op sublieme wijze op cd zette, reageerde hier op sublieme wijze op:

Een tendens in recensies lijkt te zijn dat de schrijver vooral wil laten weten wat hij / zij voor verstand van zaken heeft door iets negatiefs te hebben ontdekt. Jammer, want het is minstens zo knap en intelligent om het moois wat geboden wordt te kunnen waarderen en benoemen.
Slechts zelden komt het voor dat iemand datgene weet te verwoorden wat je er als kunstenaar met ziel en zaligheid hebt ingestopt. Koester die momenten en negeer de rest (ook al snijdt zo’n nare opmerking altijd een beetje in de ziel).
Tchaikovsky heeft gelukkig de moed gehad zijn meesterwerken aan het papier te blijven toevertrouwen ondanks de af en toe ook niet malse kritieken die hem ten deel vielen!
Over 100 jaar leest men nog steeds jouw mooie roman, maar niemand ooit nog de bieb-recensie..

De dood spreekt

Theaterconcert over ‘De dood van Pyotr Ilyich’ in het Hortus Festival

Op 8, 9, 10 en 11 augustus staat mijn Tchaikovsky-roman op de planken in het Theaterconcert ‘De dood van Pyotr Ilyich’ tijdens het Hortus Festival, een zomers kamermuziekfestival met concerten in hortussen in Amsterdam, Utrecht, Leiden, Wageningen en in een prachtige binnentuin in Rotterdam.

Hortus_website

Ik werk samen met artistiek leider en pianist Maarten van Veen aan de voorstelling. Dit jaar is ‘De dood spreekt’ het thema van de 15e editie van het Hortus Festival. Muziek (door Maarten) en teksten (door mij) uit ‘De dood van Pyotr Ilyich’ wisselen elkaar af in het Theaterconcert, dat een kleine anderhalf uur zal duren. In het kader hieronder geven we u vast een voorproefje.

Kennismaken met het Hortus Festival en Maarten van Veen (filmpje uit 2015)?

Theaterconcert ‘De dood van Pyotr Ilyich’:

  • 8 augustus – Leiden
  • 9 augustus – Amsterdam
  • 10 augustus – Wageningen
  • 11 augustus – Rotterdam

Geboorte en dood zijn onlosmakelijk verbonden, en alles speelt zich daartussen af. Jij bent nog jong Bob, misschien besef je het nog niet en klinkt dit in je oren als oudemannenpraat, maar het leven is kort. Laat de tijd niet door je vingers glippen, lieve neef. En vooral: laat de liefde niet door je vingers glippen doordat je haar niet herkent.
(‘De dood van Pyotr Ilyich’, uit een brief aan de neef van Tchaikovsky, Bob Davydov)

Boekenweek 2018: natuur

Radio 1 viert de Boekenweek 2018 (thema ‘Natuur’) met een uitnodiging aan luisteraars om hun favoriete natuurfragment in te sturen. ‘Vertel erbij wat dit fragment met je doet.’

Een lezer van ‘De dood van Pyotr Ilyich’ heeft het volgende fragment ingestuurd:

‘Ik ging vaak van huis voor een wandeling van een half uur, om twee uur later pas weer Boekenweek_2018thuis te komen. Mijn notitieboekje ging altijd mee, want tussen deze bomen ruiste niet alleen de wind door de bladeren, er zweefde ook muziek door het woud: het ritselen, scharrelen, kwinkeleren en ruisen verdichtte zich tot machtige akkoorden of verwaaide tot fluisterzachte solo’s. Mijn boekje vulde zich met noten en mijn hart sprong op, want ik had als componist al een jaar niets meer gepresteerd en voelde mij uitgeblust en bang dat de magie was uitgewerkt. Maar nu mocht ik weer invallen krijgen, soms zo overweldigend dat ik de bladzijden buiten adem vulde met slordig notenschrift, vloekend op de potloodpunt die brak onder het geweld’.
Uit: De dood van Pyotr Ilyich, blz. 439

De motivatie van deze lezer om dit fragment te kiezen:

‘Dit fragment deel ik graag met luisteraars van NPO Radio 1 omdat het belang van de aanwezigheid van natuur, in onze nabije omgeving, met al haar inspirerende details en motiverende impulsen hierin prachtig wordt beschreven.
Het gunt me troostende herkenning en geeft moed om door te gaan in creatieve processen. Een universeel thema wordt behandeld op een intieme manier, sterk ingezoomd op persoonlijke vertwijfeling enerzijds en overwinning anderzijds. De natuur en de mens in de natuur worden veelzijdig geschetst, het brengt me als lezer heel dichtbij.’

De school (slot)

Deel 4 nog niet gelezen? Klik hier

Op 4 februari 1886 schreef Tchaikovsky : “Op maandag 1 februari werd de school, die op mijn initiatief is gestart, geopend. We hebben 28 jongens en meisjes. Ik was bij de opening en vandaag woonde ik alle ochtendlessen bij. Het is duidelijk dat ik de school in m’n eentje zal moeten financieren.”

Ilya-Repin_Vissersmeisjeilya-repin-jongen